© Manivel vzw – mei 2007
Uit: Oudercursus,  begeleidende bundel voor cursusbegeleider, VCOK, 2005. Franky De Meyer/Mireille Jacobs.  Reorganisatie van het ouderschap



Scheiden vraagt bewuste keuzes rond organisatie – reorganisatie
Als je stilstaat bij de manier waarop gezinnen zich organiseren rondom de invulling van het ouderschap en de verdeling van de zorg (zowel in termen van doen als de emotionele zorg) dan komen wij tot de vaststelling dat er 101 invullingen zijn. Geen enkele is DE goede of DE slechte invulling, er bestaan er gewoon veel. Als je dan verder kijkt naar hoe men tot deze invulling / organisatie gekomen is merk je dat sommige mensen heel bewust,  in overleg tot deze invulling zijn gekomen en dat veel mensen gaandeweg,  proefondervindelijk, omdat het zich zo aandiende, zonder het maken van expliciete keuzes in overleg tot die bepaalde invulling zijn gekomen. Ook in de situaties waar de keuzes over de invulling niet via expliciete afspraken tot stand zijn gekomen merk je dat de gemaakte keuzes niet toevallig zijn. Het is niet omdat keuzes niet expliciet of in overleg zijn gemaakt dat er geen drijfveren aanwezig zijn,  dat het zomaar om het even is.  Vaak is dit dan gebaseerd op stilzwijgende wederzijdse verwachtingen,  maatschappelijke perspectieven in verband met vader en moeder zijn,  ieders beeld over rollenpatronen in verband met partner zijn en ouder zijn. Dit zijn dan waarheden,  belevingen die iemand zijn houding, gedrag,  standpunt bepalen maar die stilzwijgend aanwezig waren. Met andere woorden vaak beseft men van elkaar niet wat het belang daarvan is of hoe belangrijk dit precies is.

Bij een scheiding worden mensen in de positie gezet om bewuste keuzes te moeten maken over hoe gaan wij ons als ouders organiseren. Want er moeten beslissingen worden genomen die op papier komen over de regelingen voor de kinderen (hetzij in overleg, hetzij via een vonnis van de rechter). In elk geval wordt de toekomstige organisatie, gekoppeld aan de scheiding expliciet. Dit brengt vaak een denkproces op gang dat niet alleen in beeld brengt hoe willen wij dat het er in de toekomst uitziet,  maar ook  hoe het in het verleden geweest is en hoe het nu is. Er wordt een moment / situatie gecreeërd waarbij mensen een soort analyse / balans  gaan maken over vroeger en nu om beslissingen te kunnen nemen ivm toekomst.  Het maken van deze balans is een opdracht die veel teweeg kan brengen en die heel wat vaardigheden vergt. Ieders bekommernissen, belangen, drijfveren dienen op tafel te komen om op grond daarvan bewuste keuzes te maken en tot een ECHT akkoord te kunnen komen.Bijkomend gevolg van beslissingen op papier is vaak dat mensen het gevoel hebben dat anderen kunnen binnen kijken in hun interne keuken. Als je op papier afspreekt dat de kinderen overwegend bij moeder verblijven en één weekend per veertien dagen bij vader dan weten anderen dit,  is dit zichtbaar en ga je je als ouder ook afvragen hoe relevante anderen naar jou als ouder kijken. In een kerngezin blijft dit vaak echt interne keuken. Als in een kerngezin moeder veel meer tijd besteedt aan de kinderen in vergelijking met vader dan hoeft die vader zich niet noodzakelijk ook af te vragen hoe anderen daar naar kijken. De kans dat dit  interne keuken blijft is immers groot. Bij een scheiding is het evident dat mensen je geïnteresseerd zullen vragen hoe is het geregeld ivm de kinderen. Bij een kerngezin is de kans dat je als ouder de vraag krijgt hoeveel tijd besteed jij aan de kinderen in vergelijking met de andere ouder vrij miniem. Bij het opmaken van de balans krijg je dus een bijkomend facet,  namelijk het gaat niet meer alleen over wat je zelf belangrijk vindt maar evenzeer over hoe wil ik door anderen als ouder gezien worden. Je moet bij manier van spreken toch ook een beetje kleur bekennen. Je verhuist als het ware van een huis met stenen muren naar een huis met glazen wanden waar mensen kunnen binnen kijken. 

Maken van de balans ivm het ouderschap is een proces met gevolgen.
Fundamentele beslissingen nemen voor de toekomst zet mensen automatisch ook een stuk in het verleden. Als je wil beslissen hoe je graag zou hebben dat de toekomst eruit ziet ga je ook,  gebaseerd op herinneringen uit het verleden,  proberen om de toekomst zeker even goed of beter te maken. Mensen gaan dan vaak filmpjes draaien ivm feiten,  gebeurtenissen in het verleden om er voor te zorgen dat de toekomst er goed kan uitzien. Elk veranderingsmoment in het leven biedt kansen en is vaak terzelfdertijd ook een bedreiging. Het is een kans om wat je eigenlijk niet wou in het verleden in de toekomst onmogelijk te maken of anders te laten verlopen. Het is een bedreiging omdat wat je zeker verder wil je dit misschien geheel of gedeeltelijk dreigt te verliezen. Wat voor de ene ouder op dat moment als een kans voelt wordt dan vaak door de andere ouder als een bedreiging aangevoeld. Dit samenspel tussen wat ervaren wordt als een kans en wat ervaren wordt als een bedreiging kan voor heel veel onzekerheid zorgen.

Of dit samenspel voor een spanningsveld zorgt en of dit aanleiding geeft tot een probleem is heel verschillend van situatie tot situatie en afhankelijk van het antwoord op een aantal relevante vragen:

Was er een expliciet akoord tussen beide ouders over de bestaande organisatie?

Was er een goed gevoel bij beiden over de gang van zaken?

Is er een positief beeld van de ene ouder over de andere ouder als ouder?

Was er een bestaande overlegcultuur tussen beiden om meningsverschillen op te pakken?

Wordt de scheiding vooral beleefd als kans of als bedreiging? 

We beperken ons hier tot antwoorden op twee vragen als illustratie.Het antwoord op de eerste en de derde vraag , was er een akkoord over de bestaande organisatie? en hebben de ouders een positief beeld over mekaar als ouders?, is mee bepalend voor de moeilijkheidsgraad van het verloop.

Veel voorkomende situaties zijn de volgende: (O1 = ouder 1 en O2 = ouder2)

Vraag: Akkoord over de organisatie?

O1 en O2 vinden dat het ok was en willen het in de toekomst zo verder zetten.O1 en O2 vinden dat het ok was en willen het in de toekomst gebaseerd op de nieuwe situatie toch anders.O1 en O2 vinden dat het niet ok was en willen het in de toekomst anders.O1 vindt dat het ok was en wil dit in de toekomst zo verder zetten,  O2 vindt dat het ok was maar wil (gebaseerd op de nieuwe situatie)het in de toekomst anders. 

Vraag: Positief beeld van de ene ouder over de andere ouder als ouder?

O1 vindt dat O2 niet ok bezig was en wil van daaruit behouden hoe O1 het altijd heeft gedaan, O2 vindt dat O1 niet ok bezig was en wil van daaruit grondig veranderen hoe het was.O1 vindt dat O2 niet ok bezig was en wil van daaruit verandering naar de toekomst, O2 vindt dat O1 ok bezig was en wil van daaruit behouden hoe het was.O1 vindt O2 niet ok bezig was en wil van daaruit behouden hoe O2 het altijd heeft gedaan, O2 vindt dat O1 ok bezig was en wil van daaruit behouden hoe het was. 

Hieruit blijkt duidelijk dat afhankelijk van de posities er verschillende spanningsvelden kunnen ontstaan. Een schoolvoorbeeld dat vaak voor een groot spanningsveld zorgt is bijvoorbeeld de volgende situatie: O1 heeft altijd overwegend voor de effectieve zorg voor de kinderen ingestaan,  heeft zelf geen carrière heeft gemaakt en is thuis gebleven om voor het grootste stuk van  de opvoeding van de kinderen in te staan. O1 vond dit goed maar had er terzelfdertijd wel wat moeite mee omdat dit voor een grote belasting zorgde en sociaal wat isoleerde. Het zorgde ook wel voor financële stabiliteit.  O1 heeft hier echter niet echt een punt van discussie van gemaakt. O2 heeft veel minder voor de effectieve zorg van de kinderen ingestaan,  heeft carrière uitgebouwd en is in een stroomversnelling op werkvlak terecht gekomen. O2 vond dit wel vervelend, maar het zorgde langs de andere kant ook wel voor een financieel goede situatie voor het gezin. Op een bepaald moment beslist O2 tot scheiding,  wil zijn leven anders inrichten,  niet meer zoveel het accent leggen op werk en meer bezig zijn met de kinderen.

Dit is iets dat vaak  gebaseerd was op een stilzwijgende afspraak. Dit is een situatie waarbij je vaak merkt dat voor O1 scheiding op vlak van ouderschap een bedreiging betekent,  vreest voor verlies en de invulling van het leven tot hiertoe op de helling komt te staan. Dus vecht voor behoud. O2 voelt scheiding aan als een kans om het anders te doen en wil een totaal andere organisatie van het ouderschap in vergelijking met hoe het was.Niet alleen de effectieve beleving van beiden omtrent hun positie en hun verwachtingen naar toekomst zal op het moment van de scheiding belangrijk zijn maar evenzeer de mate waarin er in de periode dat men samen geleefd heeft  hierover ook ervaringen,  belevingen,  verwachtingen,  gevoelens van gemis aan  uitgewisseld werden met elkaar.  

Reorganiseren is het doorlopen van een proces waar vaardigheden voor nodig zijn
Om onze betrachtingen en bezorgdheden te proberen realiseren nemen we standpunten in over wat we willen. Deze standpunten zijn stellingnames die we op zo’n manier verwoorden dat ze iets lijken te zeggen over wat we willen in de toekomst. De uitspraken die mensen over hun standpunten doen zijn echter vaak gebaseerd op wat ze niet meer willen. Dus in plaats van toekomstgericht is dit gericht op situaties die men niet meer wil uit het verleden. Dit lijkt op het eerste zicht nogal ingewikkeld maar is dit eigenlijk niet. Een eenvoudige sleutel om dit uit mekaar te kunnen halen is om de twee polen naast elkaar te laten bestaan. De twee polen zijn: waar wil ik van weg en waar wil ik naar toe. Rekening houden met het feit dat er een verleden is en dat er een toekomst bestaat. Mensen kunnen zich vaak maar toekomstgericht opstellen als er ook voldoende begrip is voor het verleden. Enkel discussiëren over standpunten in het nu doet de realiteit van het aspect tijd geweld aan. Tijd bestaat telkens uit drie aspecten nu,  vroeger en een toekomstaspect. Dus een eerste vaardigheid die bijdraagt om het procesmatige van reorganisatie ook toe te passen is om dit tijdsaspect te zien.

© Manivel vzw – mei 2007